Hoogste huurstijging in zes jaar, vooral in Rotterdam en Den Haag

huurstijging

Sinds 1 juli betalen huurders gemiddeld 2,9 procent meer huur dan een jaar eerder, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het is de grootste huurstijging sinds 2014.

De grootste huurverhogingen deden zich voor in Rotterdam en Den Haag, waar de huren met respectievelijk 4,1 en 3,6 procent stegen. In Amsterdam gingen de prijzen gemiddeld met 3,5 procent omhoog.

Reële huurverhoging 0,3 procent

De hogere stijging is vooral het gevolg van de hogere inflatie, meldt het CBS. De maximaal toegestane huurstijging is gekoppeld aan de inflatie: als de inflatie omhoog gaat, mogen de huren harder meestijgen. In 2020 was deze maximale huurstijging 5,1 of 6,6 procent, afhankelijk van het inkomen van de huurder.

Het inflatiecijfer van dit jaar was 2,6 procent. Dat betekent dat de reële huurstijging – de gemiddelde huurverhoging min de inflatie – dit jaar op 0,3 procent lag. Sinds 2009 is de reële huurstijging niet zo laag geweest.

Lees ook: Kabinet wil jaarlijkse huurverhoging vrije sector maximeren

Motie van afkeuring

Een meerderheid van de Eerste Kamer wilde dat de gebruikelijke huurverhoging op 1 juli niet zou doorgaan vanwege de coronacrisis, maar minister Ollongren van Binnenlandse Zaken legde een motie hierover twee keer naast zich neer. Volgens haar was een huurbevriezing niet nodig en moesten verhuurders hun huurders helpen als zij financiële problemen hadden. De Eerste Kamer steunde vervolgens een motie van afkeuring tegen de minister, wat zeer zeldzaam is.

Lees verder onder de grafiek

Sociale huurwoningen

70 procent van alle sociale huurwoningen is van woningcorporaties. Zij hebben vooral sociale huurwoningen in hun bezit, maar ook woningen in de vrije sector. De huren van hun sociale huurwoningen stegen dit jaar gemiddeld met 2,7 procent. Een klein deel van de corporaties heeft de huurverhoging uitgesteld naar later dit jaar. Dat gaat om ongeveer 100.000 woningen van de in totaal 2,3 miljoen.

Prijzen vrije sector stijgen minder hard

In de vrije sector steeg de gemiddelde huur dit jaar met 3,0 procent. Dat is lager dan in 2019. Toen stegen de huren in de vrije sector gemiddeld met 3,3 procent. Volgens Laurens van de Noort, directeur van Vastgoed Belang, zagen zijn leden huurachterstanden nauwelijks oplopen. Ongeveer 40 procent van de woningen van de leden van Vastgoed Belang vallen in de vrije sector. Van de Noort denkt dat de steunmaatregelen van de overheid ertoe hebben geleid dat er geen grote huurachterstanden zijn ontstaan.

De huren stijgen vooral als er een nieuwe bewoner in een huurwoning komt. Bij het aantreden van nieuwe huurders steeg de huurprijs gemiddeld met 9,5 procent ten opzichte van de huurder ervoor. Vorig jaar was dat 8,2 procent. Verhuurders zijn niet gebonden aan een maximale huurverhoging als een nieuwe huurder in een woning trekt.

“Door de krapte op de woningmarkt zie je dat de huurprijzen van buren in één complex enorm kunnen verschillen”, zegt Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS. “Sommige mensen huren al twintig jaar voor een laag tarief. Als zij vertrekken, wordt de huur voor de nieuwe huurders gelijk een stuk hoger.”

Lees verder onder de grafiek

‘Huurprijzen elke twee jaar stevig omhoog’

Sinds 2016 mogen verhuurders tijdelijke contracten afsluiten van maximaal twee jaar. De Woonbond is daar niet blij mee. “Dit moest ervoor zorgen dat het verhuren van woningen makkelijker wordt en er meer aanbod zou komen”, zegt een woordvoerder. “Maar in feite betekent het flexibiliteit voor de verhuurder. Die kan nu elke twee jaar nieuwe huurders voor de woning regelen en de huur naar believen verhogen. Dit zien we dan ook veel gebeuren.” Carla Huisman, onderzoeker bij de Rijksuniversiteit Groningen, waarschuwde eerder voor een stille verschuiving van vaste huurcontracten naar overeenkomsten van maximaal twee jaar.

  Bron: https://www.vastgoedactueel.nl/hoogste-huurstijging-in-zes-jaar-vooral-in-rotterdam-en-den-haag/