Huurprijzen sneller gestegen dan inflatie

huurprijzen

De huurprijzen in Nederland zijn tussen 1990 en 2020 met 162% gestegen. Daarmee stegen de huurprijzen 1,8 keer zo snel als de inflatie, die in dezelfde periode iets minder dan 90% steeg. De huurkosten nemen dus een steeds groter deel van het inkomen in beslag.

Dat blijkt uit cijfers die NU.nl opvroeg bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De woningprijzen in Nederland stijgen al jaren pijlsnel. In maart dit jaar stegen de prijzen voor een koopwoning zelfs het hardst in twintig jaar tijd. Een gemiddelde koopwoning is nu 63,5% duurder dan op het dieptepunt in 2013.

En dat heeft ook zijn invloed op de huurmarkt. Voor een huurwoning of -appartement werd in 2020 zo’n 162 % meer betaald dan in 1990. Voor een appartement of huis in de vrije sector komt dat uit op gemiddeld € 1.136 per maand, blijkt uit cijfers van de NVM.

Volgens Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS, is dat deels een gevolg van stijgende huizenprijzen, maar heeft het landelijke huurbeleid daar ook invloed op. Sinds dit jaar mogen de huurprijzen in de vrije sector even hard stijgen als de inflatie plus 1%, maar tot dit jaar zat er geen maximum op de stijging van de huurprijzen. “Het zit dus een beetje in het systeem ingebakken dat de huur sneller stijgt dan de inflatie”, zegt hij.

Inkomen stijgt ook niet mee met huurprijzen

De huurprijzen stijgen ook sneller dan de lonen, die sinds 1990 verdubbelden. Daardoor blijft er steeds minder beschikbaar inkomen over voor wie huurt. De Woonbond, de belangenvereniging van huurders, vindt dat een probleem. “Los van het feit dat de prijzen in de vrije sector al erg hoog zijn, vragen verhuurders vaak tot vier keer de huur als inkomen. Daardoor worden heel wat mensen uitgesloten”, zegt woordvoerder Marcel Trip.

Hij vraagt het kabinet om het puntensysteem voor huurwoningen door te trekken naar de vrije sector. Als een woning meer dan € 752 aan kale huur kost, geldt dat systeem nu niet meer en kunnen verhuurders hun prijzen vrij kiezen. “Dat is absurd”, vindt de Woonbond. Uit een rondgang van RTL Nieuws blijkt dat zeker twaalf van de achttien partijen in de Tweede Kamer willen dat die grens wordt opgetrokken naar minstens € 1.000.

‘Verhoog de inkomensgrens voor sociale huur’

Daarnaast stelt de organisatie voor om de inkomensgrens voor sociale huur te verhogen, zodat meer mensen aanspraak maken op een sociale huurwoning.

Een woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken laat weten dat het kabinet de inkomensgrens voor meerpersoonshuishoudens vanaf 2022 verhoogt naar € 44.196 per jaar. Voor wie alleen woont, blijft die op € 40.024.

‘Geen structurele woningnood’

Volgens Van Mulligen is er geen sprake van een structurele woningnood. “Er zijn wel regionale verschillen”, zegt hij. “In de steden is er een grotere nood, waardoor daar de prijzen ook harder stijgen. Maar landelijk gezien is het aantal woningen redelijk goed afgestemd op het aantal huishoudens.”

Hij wijst voor de snelle stijging van prijzen voor zowel koop- als huurwoningen vooral naar de lage rente en het grotere beschikbaar inkomen door de lockdowns. “Dat zet meer mensen aan om te lenen voor een huis, waardoor ze ook meer kunnen betalen. Dat drijft de prijzen op.”

Het CBS en Van Mulligen krijgen ook kritiek op hun duiding van de cijfers, bijvoorbeeld van stadsgeograaf Cody Hochstenbach op Twitter.

  Bron: https://www.vastgoedactueel.nl/huurprijzen-sneller-gestegen-dan-inflatie/